Hernieuwbare energie ligt op koers om in 2025 voor het eerst meer dan de helft van de Nederlandse stroomvraag te dekken. Cijfers over de eerste drie kwartalen laten een forse stijging zien ten opzichte van vorig jaar. Wind en zon breken records, maar tegelijk groeit een probleem waar de energiemarkt nog geen goed antwoord op heeft: steeds vaker is er meer groene stroom beschikbaar dan het net aankan.

Hernieuwbare energie richting recordaandeel
In de loop van 2025 is het aandeel duurzame bronnen in de Nederlandse stroomproductie flink gestegen. Nieuwe windparken op de Noordzee, waaronder projecten voor de Hollandse kust, leverden een grote bijdrage. Het geïnstalleerde vermogen aan windenergie op zee groeide dit jaar aanzienlijk. Tegelijk blijft het aantal zonnepanelen op woningen en bedrijfspanden toenemen. Nederland telde aan het begin van dit jaar al meer dan vier miljoen zonnepaneel-installaties. Volgens het CBS-dashboard hernieuwbare energie lag de productie uit zon en wind in de eerste drie kwartalen aanzienlijk hoger dan in dezelfde periode vorig jaar.
Over het hele jaar gerekend lijkt een aandeel van ruim 50 procent haalbaar. Dat is een symbolische grens die vijf jaar geleden ondenkbaar leek. Rond 2020 lag het aandeel hernieuwbare stroom nog rond de 25 procent. De verdubbeling in korte tijd toont hoe snel de energietransitie in de praktijk vordert.
Meer groene stroom, meer ongebruikte overschotten
De snelle groei heeft een keerzijde die steeds zichtbaarder wordt. Op zonnige en winderige dagen wordt er inmiddels meer stroom opgewekt dan Nederland op dat moment verbruikt. Die overschotten kunnen niet altijd nuttig worden ingezet, simpelweg omdat er te weinig opslagcapaciteit is en het stroomnet niet overal berekend is op zulke grote hoeveelheden.
Het gevolg: op die momenten daalt de stroomprijs sterk, soms tot onder nul. Producenten van groene stroom krijgen dan minder betaald voor hun opwek. Het stroomnet raakt op sommige plekken overbelast, wat leidt tot de netcongestie waar de afgelopen maanden steeds meer over te horen is. Netbeheerders investeren miljarden in uitbreiding, maar dat kost jaren.
Voor huishoudens met zonnepanelen heeft dit directe gevolgen. De overschotten drukken de waarde van stroom die je teruglevert aan het net. Met het afbouwen van de salderingsregeling wordt de terugleververgoeding steeds belangrijker, en juist die staat nu al onder druk. Volgens Milieu Centraal is het daarom steeds belangrijker om opgewekte stroom zoveel mogelijk zelf te gebruiken in plaats van terug te leveren.
Energieopslag als ontbrekende schakel
De oplossing voor de groeiende overschotten ligt voor een belangrijk deel bij energieopslag. Thuisbatterijen, grootschalige batterijparken en omzetting naar waterstof worden gezien als manieren om groene stroom vast te houden voor momenten waarop de vraag hoger is dan het aanbod.
In de praktijk staat die opslag nog in de kinderschoenen. De totale capaciteit van thuisbatterijen in Nederland is een fractie van wat nodig is om de pieken en dalen volledig op te vangen. Er worden steeds meer thuisbatterijen geïnstalleerd en de prijzen dalen, maar het tempo is voorlopig onvoldoende om de groeiende overschotten bij te houden. Grootschalige batterijparken en seizoensopslag via waterstof zijn nodig om de kloof te dichten, maar die projecten zijn er nauwelijks.
Wat betekent dit voor jou?
Het is goed nieuws dat Nederland op weg is naar een schoner stroomsysteem. Maar als huiseigenaar met zonnepanelen is het verstandig om vooruit te kijken. De opbrengst van teruggeleverde stroom staat onder druk en dat wordt de komende jaren niet beter naarmate er meer groene stroom bij komt.
Verschuif je stroomverbruik waar mogelijk naar de uren waarop je panelen produceren: draai de wasmachine of vaatwasser overdag. Overweeg of een thuisbatterij bij jouw situatie past om meer eigen stroom te benutten. En wie een dynamisch energiecontract heeft of overweegt, kan profiteren van de steeds vaker voorkomende momenten met lage stroomprijzen.